LLO, skills, microcredentials… Bingo!

FOR SOCIETY

Je zit in een overleg over het opleiden van werknemers voor de energietransitie en iedereen begrijpt elkaar moeiteloos. Afkortingen, termen, beleidswoorden: het lijkt helder. Tot er iemand aanschuift die níet dagelijks in dit wereldje zit. Dan wordt pijnlijk duidelijk hoe gesloten onze taal eigenlijk is. Hoe vind je elkaar als je niet dezelfde taal spreekt? Samenwerking is immers de sleutel om onze ambities te realiseren, een van de kernboodschappen in de nieuwe Fontys meerjarenstrategie For Society 2030.

“Het zette me aan het denken,” vertelt prof. dr. Marian Thunnissen, bijzonder hoogleraar Leven Lang Ontwikkelen en lector Dynamische Talentinterventies bij Fontys. “Haken mensen uit de praktijk af door de manier waarop wij in het onderwijs over Leven Lang Ontwikkelen (LLO) praten? We denken dat we helder zijn, maar misschien creëren we vooral afstand.”

Waar hebben we het dan precies over?
Om dat te achterhalen plaatste ze een LinkedIn-enquête. De oproep: Welke woorden rondom leren, ontwikkeling of inzetbaarheid roepen bij jou irritatie, verwarring of ongeloof op en waarom? 101 mensen reageerden en samen noemden ze 354 woorden. Opvallend: 40 procent kwam maar één keer voorbij. Een duidelijk signaal dat het probleem breed én versnipperd is. Er is geen klein setje ‘lastige termen’, maar een diffuse ervaring van onbegrip. Wat de één stoort, merkt de ander niet eens op.

De top vier woorden die voor werkenden echt niet werken:
1. Leven Lang Ontwikkelen (LLO) abstract, te groot, en te veel systeemtaal.
2. Skills roept verwarring op: wat ís het precies, waarom Engels, en waarom voelt het zo gekoppeld aan HR‑systemen en meetlijstjes?
3. Microcredentials wordt gezien als technisch jargon: gaat het om een cursus, studiepunten, certificering? De term zegt weinig over wat je er in de praktijk aan hebt.
4. Leercultuur klinkt positief, maar voelt normatief: een ideaal waar organisaties op worden afgerekend, terwijl het weinig aansluit bij de dagelijkse werkdruk.

Thunnissen: “Deze woorden zijn niet onbelangrijk maar ze zijn van bovenaf geladen en dragen te veel betekenissen tegelijk. Daardoor creëren ze afstand in plaats van herkenning. Ze resoneren vooral bij experts, maar ik kan me voorstellen dat werkenden zelf niet het idee hebben dat het over hen gaat. Het is systeemtaal, geen brugtaal.”

“Het is pijnlijk om te horen dat ons taalgebruik dit effect heeft,” aldus Anne de Bonth, programmamanager LLO bij Fontys. “LLO is er om mensen vooruit te helpen, niet om ze af te schrikken. Als woorden afstand creëren, missen we de kern: wat betekent ontwikkeling voor medewerkers op de werkvloer? Pas als onze taal hun werkelijkheid raakt, komt beweging op gang.”

Wat kunnen we hieraan doen?
Thunnissen: “Eerst moeten we stoppen met het idee dat er één LLO‑taal moet zijn. Beleid, onderwijs en praktijk hebben nu eenmaal verschillende talen nodig. Dat is geen probleem, zolang we bewust schakelen: intern vakjargon, extern begrijpelijke taal. Binnen beleid en onderwijs moeten we taalverschillen productief maken: verdiepen in elkaars begrippen, elkaar begrijpen in plaats van ons ergeren aan elkaars woorden. Dat lukt meestal wel. Het echte probleem ontstaat wanneer we datzelfde jargon naar de werkvloer brengen. Richting werkenden is één taal nodig: de taal van werk en vakmanschap. Geen beleidswoorden, maar concrete voorbeelden die aansluiten bij hoe mensen hun vak beleven. En die taal moet inclusief zijn, niet alleen voor de hoogopgeleide kenniswerker, maar juist voor iedereen die nu afstand voelt. Dat vraagt om samenwerking: de praktijk moet meepraten over welke woorden wél werken. LLO taal is van ons allemaal.”

“Dit vraagt natuurlijk ook iets van de werkpraktijk,” benadrukt Thunnissen. “Meedenken, meepraten en vooral laten horen welke woorden wél landen. Alleen zo ontdekken we taal die niet afschrikt, maar uitnodigt. En geloof me, dat mag ook wel met een beetje humor. Bijvoorbeeld met de LLO Bingo! Voor elke presentatie of meeting. Perfect om samen te lachen, bewust te worden van ons jargon én meteen het gesprek te openen over hoe het anders kan.”

Auteur: Katja Huismans

Meer nieuws

Ontwerp jouw toekomst: oriënteren op afstuderen doe je niet alleen
Fontys sluit zich aan bij BOOST
Fontys opent Smart Systems Lab

Komt jouw beschikbaarheid niet overeen met die van de opleidingsmanager van je voorkeur. Plan dan evengoed een gesprek in! Elk van de aangegeven personen kan het gesprek met je aangaan.

Wil jij ook impact maken?

Plan dan nu een online kennismakingsgesprek en ontdek jouw carrièremogelijkheden bij Fontys Engineering.